Rekenen in groep 1-2 als onderdeel geheel
Juist in de onderbouw is de rekencoördinator onmisbaar om de rekenontwikkeling van jonge kinderen vorm te geven. Dat is niet eenvoudig, want rekendoelen zijn niet altijd meetbaar. Ook moet de koppeling met de gedeelde visie op rekenonderwijs voortdurend worden gemaakt. Hoe doe je dat in de praktijk?
Groep 1/2B van juf Bo is buiten aan het spelen. Tieme en Tess bewonderen de schaduw op de muur van school. Door de schaduw van de blaadjes van de bomen is er een prachtig kunstwerk op de muur ontstaan. Ze halen de juf erbij om de muur te bekijken. Juf Bo heeft er weinig tijd en aandacht voor. Ze wil naar binnen en daar aan de slag met haar rekenkring. Eenmaal in de kring vindt ze het lastig om de aandacht van de kinderen vast te houden.
Ook de kinderen uit de groep van meester Mitch hebben de muur gezien. Meester Mitch heeft een foto van de muur gemaakt en laat deze, na het buitenspelen, op het digibord zien. De klas raakt in gesprek over dit kunstwerk en even later is een hele groep betrokken kinderen in de speelwerktijd met potlood, papier en zaklampen het begrip ‘schaduw’ aan het verkennen.
Visie als vertrekpunt
Het voorbeeld van juf Bo en meester Mitch laat zien dat het belangrijk is om met elkaar voor ogen te hebben op welke manier rekenonderwijs bij jonge kinderen eruitziet. Juf Bo gaat uit van een gezamenlijke instructie in de grote kring, waarbij zij vooraf de doelen heeft bepaald. Meester Mitch speelt in op de betrokkenheid van de kinderen en koppelt daaraan zijn doelen uit de themaperiode.
Om als rekencoördinator collega’s te kunnen begeleiden, is het noodzakelijk dat je vanuit een gedeelde visie op onderwijs werkt. Als je zonder visie aan de slag gaat, kan er verwarring ontstaan in de keuzes die in de dagelijkse praktijk gemaakt worden (Knoster, 1991). Een rekencoördinator is bijvoorbeeld verantwoordelijk voor het vormgeven van beleid, het aansturen van veranderingen en vernieuwingen en het begeleiden en coachen van leerkrachten in hun vakinhoudelijke en – didactische kennis. Een visie geeft een duidelijk kader aan. Iedere keuze die je in jouw onderwijs maakt, moet vanuit visie beargumenteerd kunnen worden. Daarbij gaat het vaak over vakdidactiek. Ook binnen het rekenonderwijs zijn er verschillende visies hierop. Het is belangrijk als rekencoördinator je eigen visie hierop te ontwikkelen en in samenspraak met je team te komen tot een gedeelde visie (Terlouw et al., 2023).
Hoe leren jonge kinderen?
Om te bepalen hoe het onderwijs aan jonge kinderen eruit moet zien, is het belangrijk te weten hoe jonge kinderen leren. Vijf belangrijke uitgangspunten hierbij zijn:
1. Jonge kinderen leren spelend.
2. Jonge kinderen ontwikkelen zich holistisch. Ontwikkeling vindt op alle gebieden tegelijkertijd plaats.
3. Jonge kinderen hebben een betekenisvolle omgeving nodig, die hen uitnodigt om de wereld te ontdekken.
4. Jonge kinderen leren vanuit concrete ervaringen, met inzet van alle zintuigen.
5. Jonge kinderen leren vanuit betrokkenheid.
Een rekencoördinator heeft in beeld hoe in het team naar het leren van jonge kinderen gekeken wordt. Vanuit een gezamenlijke visie daarop maakt hij of zij de vertaling naar de praktijk. In het voorbeeld van meester Mitch is te zien dat de rekencoördinator herkent dat de keuze van meester Mitch precies aansluit bij het vijfde uitgangspunt. Hij heeft een kans gegrepen, waardoor hij makkelijker aan de andere uitgangspunten kan voldoen. Juf Bo kiest ervoor een kans te creëren (vooraf beredeneerd aanbod), waarin ze probeert de andere uitgangspunten gestalte te geven.
Beide leerkrachten hebben een doel voor ogen, maar ze starten heel verschillend. In dit praktijkvoorbeeld is de start van meester Mitch het meest kansrijk om ook aan de andere uitgangspunten voor het leren van jonge kinderen te kunnen voldoen, zo concludeert Marc, de rekencoördinator van de school van juf Bo en meester Mitch.
De positie van de rekencoördinator
Als rekencoördinator is het belangrijk dat je zicht houdt op het rekenonderwijs van groep 1 tot groep 8. Waar in de midden- en bovenbouw vaak de rekenresultaten leidend zijn in het gesprek over goed rekenonderwijs, zijn dat in de onderbouw de observaties. Observaties, waarbij leerkrachten de doelen van groep 1/2 goed voor ogen hebben. Want die doelen vormen onderdeel van de leerlijnen van groep 1 t/m 8. Voor de kwaliteit van het onderwijs en het borgen van deze kwaliteit is het noodzakelijk dat de rekencoördinator betrokken is bij het vormgeven van het onderwijs in groep 1/2 en de keuzes die daar gemaakt worden, passend bij de schoolvisie.
Het prioriteitenspel
De rekencoördinatoren die door Fontys (FHKE) worden opgeleid, zetten het prioriteitenspel* in om ook in de onderbouw zicht te krijgen op de visie op goed rekenonderwijs. Het prioriteitenspel biedt een werkvorm om met elkaar in gesprek te gaan over het rekenonderwijs en te komen tot een breed gedragen beleid, waarvoor het hele team zich wil inzetten (Van Zanten, 2016).
Door prikkelende stellingen worden deelnemers uitgedaagd na te denken over de keuzes die zij maken in hun onderwijs én het onderbouwen van deze keuzes. De rekencoördinator kan als gespreksleider de reflectie en transfer naar de gedeelde visie op onderwijs maken. Het spel geeft ook richting om de dialoog met collega’s aan te gaan. Op die manier is het rekenonderwijs en de kwaliteit van het rekenonderwijs een voortdurend onderwerp van gesprek. De rekencoördinator staat in verbinding met de collega’s in de onderbouw om de kwaliteit van het onderwijs te waarborgen. Het prioriteitenspel kan zo input leveren aan een kwaliteitskaart die verantwoordt hoe rekenonderwijs in groep 1/2 vormgegeven wordt.
Een gedeelde visie is een belangrijk uitgangspunt voor de rekencoördinator
Prioriteit bij het jonge kind
Om beter zicht te krijgen op de kwaliteit en de gemaakte keuzes op het onderwijs in groep 1/2, hebben Mariette Denissen en Lisanne Quinten het prioriteitenspel uitgebreid met de volgende kaartjes, specifiek over onderwijs en ontwikkeling van het jonge kind:
Leerdoelen De leerkracht kent de beginsituatie van de individuele rekenontwikkeling bij de start op school (4 jaar).
Leerinhouden De leerinhouden zijn herkenbaar in de hoeken.
Leeractiviteiten De leeractiviteiten vinden zowel binnen als buiten plaats vanuit een betekenisvolle context.
Leerkracht De leerkracht biedt (spel)begeleiding in een reken-wiskundige context.
Leermiddelen In hoeken zijn concrete rekenmaterialen (weegschaal, klok, enz.) en hulpmiddelen (papier en potlood) voor kinderen zelfstandig te hanteren.
Groeperingsvormen Afhankelijk van het doel en van individuele onderwijsbehoeften wordt homogeen of heterogeen gegroepeerd.
Leeromgeving Levensechte materialen uit het thema worden gebruikt om een betekenisvolle rekencontext te creëren.
Tijd Rekentijd wordt geïntegreerd en waar nodig wordt individuele rekentijd gecreëerd.
Evaluatie/toetsing De leerkracht observeert het kind in diverse situaties en kan een uitspraak doen over zijn/haar rekenontwikkeling.
Gedegen rekenonderwijs start bij de kinderen in groep 1-2
Beargumenteerde keuzes
Een van de kaartjes die rekencoördinator Marc gebruikt in zijn team is het kaartje over de leeractiviteiten. Door teamleden met elkaar het gesprek aan te laten gaan waarbij zij in het kwadrant van Van Zanten het kaartje plaatsen, worden keuzes beargumenteerd. Meester Mitch neemt zijn collega’s mee in de uitleg hoe hij de schaduw op de muur als betekenisvolle activiteit heeft ingezet om de lichttafel te introduceren. Op die manier verbindt hij een betekenisvolle buitenactiviteit met een activiteit in de speelwerktijd door gebruik te maken van de betrokkenheid van kinderen.
Rekencoördinator Marc heeft vooral een coachende rol. Hij luistert, stelt vragen en geeft suggesties. In dit geval deelt hij het boek ‘Natuurlijk buiten rekenen’ (Robertson, 2022) om collega’s te inspireren hoe je in de buitenomgeving kansen voor rijk aanbod kunt creëren. De koppeling met de gedeelde visie op rekenonderwijs wordt voortdurend gemaakt.
Juist in de onderbouw, is de rekencoördinator onmisbaar om het, vaak informele, leren van jonge kinderen vorm te laten krijgen in het onderbouwteam. Het prioriteitenspel kan je helpen om jullie visie en de gemaakte keuzes inzichtelijk te maken.
*Het originele prioriteitenspel beleid rekenen en wiskunde SLO is hier te downloaden:
www.slo.nl/zoeken/@23269/prioriteitenspel-beleid-rekenen-wiskunde
Creëer ook in de buitenomgeving kansen op rijk rekenonderwijs
Mariëtte Denissen (MEd) is docent rekenen-wiskunde bij Fontys Educatie en is opleider aan de post-hbo-opleiding tot rekencoördinator.
Lisanne Quinten (MEd) is docent en specialist jonge kind bij Fontys Educatie, groepsleerkracht bij speelleercentrum de Oversteek in Liempde en redactielid van HJK.
Knoster, T. (1991). Adapted from presentation at TASH-conference, Washington D.C.
Roberton, J. (2022). Natuurlijk buiten rekenen. Bazalt.
Terlouw, B. (2023). Een goede rekencoördinator is op de toekomst voorbereid. Volgens Bartjens, 42 (4)
Van Zanten, M. (2016). Het prioriteitenspel. Rekenbeleid: werken aan draagvlak en
betrokkenheid. Volgens Bartjens, 35 (3), 8—11.