Profile

HJK draait om de wereld van het jonge kind

Columns
17/12/2019
Leestijd 2-3 minuten
Geschreven door Aleid Truijens

Onderdompelen in taal

Soms schrik ik ervan. Ineens zegt mijn kleinzoon van dertien maanden: ‘Bal pakken.’ Hij zegt het achteloos, alsof hij dat altijd al kon, en eigenlijk is dat ook zo, deze volmaakte zin lag al klaar in zijn hersenen. Maar toch: M. maakt een echte zin, wat knap! Ineens is hij geen baby meer.

Save the children

Die middag, als we kalfjes gaan aaien, hoor ik mijn kleindochter (2,5) zeggen, terwijl ze mijn mans hand grijpt: ‘Kom maar opa, niet bang zijn.’ Niet alleen is dit een juweel van een samengestelde zin. G. heeft ook geleerd hoe ze haar eigen angst kan overwinnen door die op een ander te projecteren. En ze blijkt zich zomaar te kunnen inleven in haar bange opa.
Ging alles maar zo vanzelfsprekend. Heel veel gaat inderdaad spelenderwijs. Helemaal bij kleuters. Al knutselend, spetterend, bouwend en nabootsend leren ze hoe je dingen maakt, problemen oplost, samenwerkt en lol maakt.
Maar er komt een moment dat niet alles vanzelf gaat. Lezen en schrijven zijn aangeleerde vaardigheden. We kunnen het niet van nature en doen het niet spontaan. Kinderen goed leren lezen en schrijven is hondsmoeilijk. Het vergt rust, geduld, een lange adem, goed lesmateriaal en veel tijd. Dingen die in een overvolle klas met een overvol programma een schaars goed zijn geworden.
Want hier schrok ik nu écht van: Nederlandse vijftienjarigen zijn slechter gaan lezen. Dat bleek onlangs uit het grote driejaarlijkse internationale PISA-onderzoek. En niet zo’n beetje ook; we hollen achteruit. Sinds 2003 dalen de prestaties van onze pubers in begrijpend lezen, maar nu tuimelen we omlaag, naar de onderste helft van de lijst. Vooral langere teksten lezen, analyseren en verbanden leggen zijn een probleem. Een kwart van onze pubers begrijpt te weinig van teksten om in de maatschappij te kunnen functioneren. Een kwart! Wie niet kan lezen doet, ook in een gedigitaliseerde samenleving, simpelweg niet mee.
Dit gaat over vijftienjarigen, kun je zeggen. Dat is waar. Maar de afnemende leesvaardigheid begint al bij kleuters, of eigenlijk bij baby’s. Ouders praten steeds minder met hun kinderen, zien onderzoekers. Sommige kinderen worden nooit voorgelezen. Er zijn geweldige juffen en meesters die wél voorlezen, en kinderen dagelijks ‘vrij’ laten te lezen in zelfgekozen boeken, en hen verhalen laten schrijven. De taalvaardigheid en woordenschat van die kinderen gaan met sprongen vooruit, net als hun begrip en inlevingsvermogen. Er zijn helaas ook leerkrachten die zeggen voor deze activiteiten geen tijd te hebben.
Léés met de kinderen. Alsjeblieft. Met álle kinderen. Zorg voor een overvloed aan aantrekkelijke kinderboeken. Laat ze dagelijks schrijven, toneelspelen, dichten. Dompel ze onder in taal. Want als leesvaardigheid in dit tempo blijft dalen, zijn mijn kleinkinderen straks analfabeten. Dat wil ik niet meemaken.

Aleid Truijens