Profile

HJK draait om de wereld van het jonge kind

Columns
29/03/2021
Leestijd 2-3 minuten
Geschreven door Aleid Truijens

Lees voor!

De regen gutste tegen de ramen, dus we konden niet naar de speeltuin. Zelfs niet naar de supermarkt, het sufste uitje tijdens corona. Een knutseloma ben ik niet. De kinderen zitten meteen onder de verf en het plaksel en je moet na afloop een half uur opruimen en schrobben.

Save the children

Dus hadden we een excuus, kleindochter G. (bijna 4), kleinzoon M. (2,5) en ik. Met de peuters tegen me aangeklemd op het grote bed, mijn neus in hun zachte kruintjes, las ik de hele ochtend voor. De hemel.
Ze hebben veel boeken, maar een klassieke smaak: ze kozen voor Kikker en Dikkie Dik. Tijdens het voorlezen zijn ze zelden stil. G. wil weten hoe alles in elkaar zit. ‘Walom?’ is haar middle name. ‘Waarom ga je dood als je niet eet?’ (Kikker en zijn vrienden kunnen door een overstroming hun huisje niet uit). ‘Is mijn arm ook van bot? En mijn hoofd?’ (Dikkie Dik speelt met een bot). Imitator M. steekt ook veel op. Als opa stout is, wil hij hem opsluiten in de schuur, net als Jip zíjn vader. ‘Dames gaan voor!’ zei hij laatst bij de glijbaan tegen een meisje. ‘Je ruikt naar bosui!’ kreeg opa te horen. Uit welke boeken heeft hij dat?
Dat voorlezen ‘een bewezen effectieve manier om de taalontwikkeling van kinderen te stimuleren’, zoals ik lees in het openingsartikel (p. 6), geloof ik meteen, en ook dat ze van ‘interactief voorlezen’ het meeste leren. Ik wist eigenlijk niet dat je met kleuters ook níet interactief kunt voorlezen – zie ze maar eens de mond te snoeren. Nu weet ik, dankzij Kees Broekhof, beter.
Lees voor! Elke dag, zo veel mogelijk, en praat er met de kinderen over. Voorlezen en ‘vrij’ lezen zijn uiteindelijk belangrijker dan wat op school ‘technisch’ en ‘begrijpend’ lezen heet, en waarnaar helaas de meeste tijd en aandacht uitgaat. Pas als ze vaak worden voorgelezen en zelf boeken lezen, gaan kinderen met sprongen vooruit, groeit hun woordenschat, hun begrip, en gaan ze het steeds leuker vinden. Daarvoor zit je op school: om door taal de wereld te begrijpen.
Helaas beseffen niet alle aankomende leerkrachten dat. Uit een recent onderzoek van Probiblio onder pabo-studenten bleek dat 35 procent van hen nooit kinderboeken leest zonder dat het verplicht is, 23 procent leest ze ook niet als het wél moet. Van de studenten vindt 23 procent lezen ‘erg leuk’, 25 procent ‘niet leuk’ of ‘vervelend’; 48 procent denkt onvoldoende kennis te hebben om het lezen te stimuleren.
Ik werd er stil van. Dit zijn de mensen die ieder kind aan het lezen moeten krijgen! Het is niemand persoonlijk te verwijten. Er wordt op pabo’s nog altijd te weinig aandacht besteed aan kinderliteratuur, voorlezen en vrij lezen. Docenten doen hun best, maar het lukt hen niet om echte lezers te kweken.
Er moet een omslag komen. Op de pabo’s én op school. Lieve leerkrachten: lees voor! Ook als het programma of de schoolleiding dat niet voorschrijft. Dóe het gewoon. Ook voor volwassenen geldt: wie het vaker doet, wordt er beter in, en gaat het zomaar leuk vinden.

Aleid Truijens