Versje van de week: de poppenkast
Liedjes en versjes zorgen ervoor dat peuters en kleuters op een speelse manier de melodie van taal kunnen ervaren, nazeggen en zingen. Hiermee leg je de basis voor de auditieve vaardigheden die de kinderen nodig hebben om te leren lezen. Het kind leert zich te concentreren op klanken en gaat overeenkomsten en verschillen tussen klanken horen.
Versjes, verhalen en liedjes kun je meerdere keren voorlezen en zingen. Door de herhaling leren de kinderen (delen ervan) uit het hoofd. Zo train je het auditieve geheugen. Een ontwikkeld auditief geheugen is een belangrijke voorwaarde voor het leren lezen: bij het verklanken van de letters moet het kind de klanken in de juiste volgorde kunnen onthouden.
In dit opzegversje kun je per verhaal het tweede couplet aanpassen. Dit vormt de introductie van het nieuwe verhaal. Het eerste en het laatste couplet zijn bekend bij de kinderen; deze kunnen zij samen opzeggen.
De poppenkast
De gordijntjes, die gaan open.
Zit iedereen klaar
voor een spannend verhaal?
Luisteren dan maar.
Drie coupletten
(pas het couplet elke keer aan)
Er was een lieve eend
met veren wit en zacht.
Ze is verliefd op kikker,
dat is waarom zij lacht.
Er was een gekke clown
met een rode neus zo rond.
Hij struikelt over zijn eigen schoen
en valt bijna op de grond!
Er was een stoere agent
met een pet zo blauw en groot.
Hij helpt de mensen in de straat,
en fluit bij elk rood.
De poppen buigen diep omlaag:
Het verhaal is uit, hoera!
De gordijntjes die gaan dicht.
Tot de volgende keer… tadaa!