Versje van de week: veters strikken
Liedjes en versjes zorgen ervoor dat peuters en kleuters op een speelse manier de melodie van taal kunnen ervaren, nazeggen en zingen. Hiermee leg je de basis voor de auditieve vaardigheden die de kinderen nodig hebben om te leren lezen. Het kind leert zich te concentreren op klanken en gaat overeenkomsten en verschillen tussen klanken horen.
Versjes, verhalen en liedjes kun je meerdere keren voorlezen en zingen. Door de herhaling leren de kinderen (delen ervan) uit het hoofd. Zo train je het auditieve geheugen. Een ontwikkeld auditief geheugen is een belangrijke voorwaarde voor het leren lezen: bij het verklanken van de letters moet het kind de klanken in de juiste volgorde kunnen onthouden.
Een waardevolle motorische oefening die goed past bij deze periode van het jaar waarin kinderen steeds zelfstandiger worden in hun zelfredzaamheid. Het strikken van veters vraagt om een goede samenwerking tussen fijne motoriek, oog-handcoördinatie en ruimtelijk inzicht. Door dit speels en in groepsverband aan te bieden, wordt niet alleen de vaardigheid geoefend, maar ook het sociaal leren gestimuleerd.
Veters strikken
Eerst de knoop:
Maak een kruis, net een tent.
Daardoorheen het losse end…
en trek aan!
En dan de strik:
Maak een rondje, net een hoofdje.
Geef het hoofd een warme das.
Stop de das in de jas.
Duw er nog een hoofdje bij…
en trek aan!
Tip
Geef de kinderen allemaal een losse veter en laat ze deze om het bovenbeen knopen. Zo leren ze het veterstrikken van elkaar. In deze positie is de handeling goed zichtbaar en toegankelijk. Kinderen kunnen zo van elkaar afkijken en elkaar helpen. Dit bevordert zowel het motorisch als het samenwerkend leren.