Profile

HJK draait om de wereld van het jonge kind

Logo categorie
Natuur & Techniek
14/10/2019
Leestijd 5-7 minuten

Opgroeien met natuur

Na jarenlang vaste medewerker te zijn geweest van HJK op het gebied van ‘Natuur’, heeft Kees Both recent zijn werkzaamheden neergelegd. Zijn missie: leerkrachten, ouders en andere opvoeders veelzijdig informeren over het belang van de relatie tussen kinderen en natuur – zowel praktisch als theoretisch, beleidsmatig en spiritueel. In een serie artikelen besteden we aandacht aan de invloed van zijn werk en de waarde ervan voor deze tijd.

Save the children

De schatkist van Kees Both
De vraag van de redactie van HJK om een artikel over Kees en zijn werk te schrijven is voor ons een gouden kans! Een kans om in de schatkist van Kees Both te duiken, gevuld met artikelen, boekwerken, lezingen en besprekingen. Van 1979 tot nu: zijn werken waren en blijven actueel en bruikbaar voor iedereen die zich bezighoudt met de relatie tussen kinderen en natuur.

‘Concreet zie ik twee kinderen voor me, broertjes van zes en acht, die graag in bomen klimmen, hun ouders stimuleren dat. De kinderen genieten ervan en leren er veel van. Klimmen in een boom vraagt om durf en doorzettingsvermogen. Ze krijgen een kick als ze hoog in de boom zitten en over alles heen kunnen kijken. Ze leren op hun eigen kracht en handigheid te vertrouwen en omgaan met gevoelens van onzekerheid. Ondertussen lossen ze problemen op en verleggen zij hun eigen grenzen. Door de textuur van de schors en de geuren en kleuren van de takken en bladeren, leren ze als vanzelf veel over de boom. Vandaag de dag allemaal zeer gewenste life skills waarbij de ontwikkeling van fysieke competenties samengaan met die op sociaal-emotioneel gebied.’ (Both, 2013)

Kees Both: 'We doen kinderen ernstig tekort, als zij in het onderwijs en daarbuiten nauwelijks directe ervaringen met de natuur kunnen hebben'

Save the children

Wie is Kees Both?
Als één van de eersten in Nederland schreef Kees Both over groene pedagogiek. Hij is daarbij sterk geïnspireerd door de werken van pedagoog Friedrich Fröbel (1782-1852). Daarnaast is hij persoonlijk gevoed door de theorieën van orthopedagoog Wim ter Horst (1929-2018), ook wel ‘Tuinman van de pedagogiek’ genoemd, en door zijn samenwerking met Marjan Margadant-van Arcken (1945), bijzonder hoogleraar natuur- en milieueducatie bij de Universiteit Utrecht, ook bekend als ‘de dierenjuf’.
Both pleit voor een groene pedagogiek die gaat over natuur als onmisbare bijdrage aan de gezondheid en ontwikkeling van kinderen. ‘Iedereen die weleens met kinderen op pad in de natuur is geweest, herkent de vreugde die het kinderen geeft om te rennen, een heuvel op en af te gaan, te kijken bij de waterrand of het ontdekken van een konijnenhol. Er gebeurt buiten zoveel dat de natuur elke dag weer kan verrassen en kan uitdagen tot bewegen, beleven, vraagt om kennis vergaren en fysiek uitproberen.’ (Both, 2007)

Groene pedagogiek
Het gaat Both in de groene pedagogiek om leren leven met natuur, door echte ontmoetingen met de natuur. Both: ‘Levensecht leren kan alleen maar gerealiseerd worden als natuur in zijn verschillende dimensies ervaren wordt.’ Hij benoemt hierbij onder andere de natuur als vriend en als bron van leven (voedsel, water, lucht, verwarming, woning). Daarnaast de kracht van de natuur als bedreiging naast die van schoonheid, stilte, verdieping en vrijheid.
Both is pleitbezorger voor natuurbeleving en natuurzorg op scholen en in de leefomgeving van alle kinderen. Dus ook voor kinderen met extra en specifieke zorgbehoeften, voor wie het verblijf in de natuur zelfs als therapie kan worden ingezet. Hij benoemt ‘betrokkenheid bij en verbondenheid met natuur’ als doelen van onderwijs en opvoeding (Both et al., 2014).

Ik kan het!

Geef het kind een mes
In het nieuws duiken regelmatig berichten op over ongelukken als gevolg van roekeloos gedrag, soms zelfs met fatale afloop. Volwassenen die onvoorbereid de wildernis in trekken of bij een naderende storm in zee gaan zwemmen. Vaak is er geen besef van mogelijke gevaren of denkt men daar te lichtvaardig over: mij zal niks overkomen. Een mogelijke verklaring voor dergelijk gedrag kan zijn dat mensen in hun kindertijd te weinig natuurervaringen en vaardigheden hebben opgedaan, waardoor ze risicovolle situaties minder snel herkennen of er adequaat naar handelen.
Bij een gezonde kinderontwikkeling hoort het opdoen van nieuwe ervaringen en het aangaan van uitdagingen. Op avontuur gaan, hutten bouwen, in bomen klimmen en fikkie stoken. Al doende leert een kind en ontwikkelt het vaardigheden en zelfvertrouwen, leert het risico’s inschatten en beslissingen te nemen.
Opvoeders hebben echter de behoefte om kinderen te beschermen tegen ongelukken. Waarbij de vraag elke keer weer is: Geef je het kind de ruimte om uitdagingen en risico’s aan te gaan, of beperk je zijn ontwikkelingsdrang? Both doet hierover een stellige uitspraak: ‘Geef het kind een mes!’ In zijn artikel ‘Spelen met risico’s’ beschrijft Both (2013) hoe je als opvoeder een kind met een mes leert omgaan. Stap voor stap leert de opvoeder het kind het gebruiken en verzorgen van een mes (hoe slijp je het, hoe hanteer je het?) om er dan samen mee te oefenen. Een prachtig voorbeeld van omgaan met een mes:
Tijdens een netwerkdag van stichting Groene pedagogiek (april 2019) leerden de kinderen van de avonturenclub van de Amsterdamse natuurspeeltuin Het Woeste Westen volwassenen om vuur te maken op een ‘survivalmanier’: zonder lucifers. Ieder kind gebruikte een mes om houtjes te splijten. Daarna zetten ze deze houtjes in de vuurschaal en staken ze met hun vuursteen aan. De jonge vuurmakers (negen tot twaalf jaar) verrasten hiermee de volwassen deelnemers: ‘Wat doen ze dit op een rustige en verantwoordelijke manier!’
Deze kinderen beheersen belangrijke vaardigheden: omgaan met vuur en een mes. Ook hebben ze allerlei persoonsvormende ervaringen opgedaan. Die je niet krijgt via internet, maar kan leren van betrokken volwassenen én met je hoofd, hart en handen.

Kees Both: 'Mijn wens: dat natuur deel uit maakt van het levensverhaal van ieder kind.'

Groene pedagogiek op het schoolplein
Groene pedagoog Laura Minderhoud aan het werk: ‘Kijk, juf. Een vlinder met een hap uit zijn vleugel! Gaat die nou dood?’, vraagt een leerling. Het wekelijkse klassikale rondje natuur-om-de-school is meteen interessant. De vlinder vliegt ongemakkelijk tussen de vlinderstruiken en de cosmea’s door. ‘Ja, deze distelvlinder gaat dood, denk ik, omdat hij niet goed meer kan vliegen. Veel van zijn soortgenoten vliegen binnenkort naar Zuid-Europa om te overwinteren’, reageert Minderhoud
Het is herfst aan het worden en de natuur breidt zich voor op de winter. Dit is overal te zien, te voelen en te ruiken. Bomen en struiken laten hun bladeren vallen en gaan in rust. De klimheuvel is glad geworden door de regen en de vijver zit vol afgevallen blad. De kinderen worden er opgewonden van en kijken overal rond. De vergankelijkheid van het leven is op allerlei manieren voelbaar en tastbaar.
We besluiten vandaag om van de afgevallen bladeren, takjes en andere natuurvondsten een mooi kunstwerk te maken op de grond bij de ingang van de school: ‘Afscheid van de zomer’.

Het wekelijkse klassikale rondje natuur-om-de-school is heel interessant

Groene pedagogiek in deze tijd
De pedagogische opgave om kinderen te begeleiden naar volwassenheid, waarin ze zelfstandig, vol vertrouwen en verantwoordelijkheid hun leven vorm kunnen geven, is vandaag de dag een flinke uitdaging.
Het leren van de natuur kan daarbij een belangrijke, hoopvolle informatie- en inspiratiebron zijn. De natuur laat zich niet gek maken door nepnieuws en foutieve conclusies. Het ‘zijn in de natuur’ alleen al kan een grote bijdrage leveren aan de ontwikkeling van kinderen: tijd en rust krijgen om te ontwikkelen en te groeien Daarnaast, zoals de natuur dat ook doet: streven naar herstel en aanpassing, door het ontwikkelen van nieuwe vaardigheden die passen bij een veranderende samenleving en wereld om je heen.
Nog steeds geldt daarom voor de groene pedagogiek, in navolging van Both, het ‘leren leven in en met de natuur’ als belangrijk doel voor de opvoeding.

Hoopvolle ontwikkelingen
In de afgelopen tien jaar blijkt uit onderzoeken (Amoly et al., 2014; De Vries et al., 2015) steeds meer hoe een gevarieerde groene, natuurrijke omgeving kan bijdragen aan het gezond opgroeien van kinderen. Ook de persoonlijke ontwikkeling is hierbij gebaat. Kinderen komen tot onafhankelijk denken en handelen en ontwikkelen een besef van verantwoordelijkheid voor elkaar, de leefomgeving en de natuur. Leren in de context van ‘het echte leven’. Spelen, ontdekken, onderzoekend leren, creativiteit en de zorg voor de omgeving dragen allemaal bij aan een gezonde en evenwichtige ontwikkeling van kinderen. Natuurervaringen doen recht aan het hele kind: fysiek, mentaal en spiritueel.
Dat het belang hiervan steeds meer erkend wordt, zien we in de Nederlandse kinderopvang waar steeds meer het zintuiglijk/lijfelijk leren centraal staat, vormgegeven in binnen- en buitenruimte. Met je billen in het zand! heet niet voor niets een publicatie van het lectoraat Natuur en Ontwikkeling in Leiden.
Daarnaast zetten steeds meer Nederlandse scholen, met steun van gemeenten en provincies, in op het inrichten van groene, natuurrijke speelpleinen. De pedagogische en didactische uitdaging voor leerkrachten en opvoeders ligt erin om met kinderen daadwerkelijk die natuurbeleving te ervaren en natuurkennis op te doen. Gelukkig bieden de artikelen van Both nog steeds volop inspiratie, handvatten en verdieping!

Book iconMediatips

• Wesselius, J., Maas, J., Hovinga, D. (2015). De ‘leer’kracht van schoolpleinen. www.hsleiden.nl
• Mieras, Mark. Buitentijd=leertijd. IVN/Jantje Beton. https://buitenlesdag.nl/wp-content/uploads/2017/11/buitentijd-is-leertijd-Mark-Mieras-2018.pdf
• Berg, Agnes van den, Beute, Femke. Geef kinderen de natuur (terug) (2019). White paper Natuurmonumenten. www.kind-en-natuur.nl

Book iconLiteratuurlijst

• Amoly, E., Dadvand, P., Forns, J., López-Vicente, M., Basagaña, X., Julvez, J., Alvarez-Pedrerol, M., e.a. (2014). Green and blue spaces and behavioral development in Barcelona schoolchildren: the BREATHE project. Environmental Health Perspectives, 122(12), 1351. Banay
• Both, K. (2000). In: Vrij spel voor Natuur en Kinderen, blz. 147-161. Uitgeverij Jan van Arkel.
• Both, K. (2013). Spelen met risico’s, tweeluik in HJK.
• Both, K. e.a. Themanummer Zorg Primair over theorie en praktijk van de groene pedagogiek. https://stichtinggroenepedagogiek.nl/category/publicaties/2014
• https://www.hsleiden.nl/binaries/content/assets/hsl/lectoraten/natuur-en-ontwikkeling-kind/met-je-billen-in-het-zand-e.-peters-jan2016.pdf
• De Vries, S., Verheij, R., & Smeets, H. (2015). Groen en gebruik ADHD-medicatie door kinderen: de relatie tussen de hoeveelheid groen in de woonomgeving en de prevalentie van AD (H) D-medicatiegebruik bij 5-tot 12jarigen: Alterra Wageningen UR.

Laura Minderhoud

Ilse Vonder