Ik wou dat ik kon lezen!

pp.16-19_De Vreede_HJK mei 2018_VissenDat je niet vroeg genoeg met (voor)lezen kunt beginnen, is inmiddels onomstotelijk bewezen. Zelfs de kleuters van basisschool voor speciaal onderwijs De Strandwacht zijn daarvan al overtuigd. Haas leest Kikker voor. ‘En … wat gebeurt er als je heel veel leest?’, vraagt de museumdocent. ‘Dan word je wijzer’, zegt de een. ‘Ja, dan word je hééééél slim’, roepen de anderen in koor. De groep is op bezoek bij het Kinderboekenmuseum in Den Haag en volgt het programma ‘Blij, boos, bang met Kikker’ waarin de wereldberoemd geworden dierfiguren van Max Velthuijs centraal staan.

Het Kinderboekenmuseum heeft voor jonge kinderen een aantal presentaties en programma’s waarvan niet alleen scholen, maar ook de buitenschoolse opvang en ouders, grootouders, oppassers en – vooral – peuters en kleuters kunnen profiteren. ‘Het Kinderboekenmuseum begon in 1994, als een van de allereerste musea voor de jeugd’, vertelt Anouk van Dijk, die als coördinator educatie werkzaam is bij het museum. ‘Er was toen een interactieve kindertentoonstelling voor kinderen in de basisschoolleeftijd. Na een grootschalige renovatie heropenden we in 2010 met de vaste tentoonstellingen ‘Papiria’ voor kinderen vanaf 7 en ‘Kikker’, de voorloper van de huidige Kikker-expositie. We brachten ook diverse tijdelijke tentoonstellingen en in 2013 breidden we uit met de vaste tentoonstelling ‘ABC met de dieren mee’. Aan de hand van allerlei bekende dieren, zoals Dikkie Dik, nijntje, Elmer, Kleine IJsbeer en Rupsje Nooitgenoeg, leren kinderen spelenderwijs de letters van het alfabet kennen. Het gaat ons er daarbij vooral om dat kinderen worden geprikkeld om verhalen te bedenken. Ik wil graag dat ze met nieuwe verhalen weer naar buiten gaan.’

Verhalen uitlokken
Gezien de grote belangstelling voor de tentoonstellingen voor de allerjongsten, besloot het museum de succesvolle Kikker-expositie uit te bouwen en te verplaatsen naar de tweede verdieping, naast ‘ABC met de dieren mee’. Het museum beheert het archief van Max Velthuijs, en hoewel de originele tekeningen te kwetsbaar zijn om te gebruiken in een tentoonstelling voor kleuters, alle afbeeldingen en teksten in de tentoonstelling werden er direct aan ontleend en zijn dus voor iedereen herkenbaar. Bij de presentaties voor kinderen streeft het museum ernaar dat je als het ware het prentenboek instapt. Van Dijk zegt daarover: ‘We bedenken: wat hebben we in onze collectie, wat wordt veel gelezen en hoe kunnen we de figuren het beste presenteren? We gaan altijd uit van de hoofdrolspelers en hun belangrijkste eigenschappen. In dit geval zijn dat natuurlijk Kikker zelf, Rat die goed kan klussen, Varken die graag taarten bakt en Haas die vaak verstandig is. Dan gaan we bedenken hoe we de presentatie zo levendig mogelijk kunnen maken. Het moet speels en tactiel zijn. Kinderen moeten van alles kunnen doen en ervaren. En de tentoonstelling moet de fantasie prikkelen. Verhalen uitlokken.’

Wil je verder lezen maar heb je nog geen abonnement? Klik dan hier.
Heb je een abonnement en wil je digitaal verder lezen? Klik dan hier.