De kracht van samenwerken

pp.18-21_Pals en Bontje_HJK december 2017_Klimtuin‘Gymles voor kleuters. Ga er maar aan staan. Zo gestructureerd als je in de bovenbouw aan de slag kunt als gymleerkracht, zo anders is het in de onderbouw.’ Dit ervoer Mariska Beenhakker (gymleerkracht sinds 1997) aan den lijve toen ze in 2010 begon als vakleerkracht bij de kleuters. ‘Het was één groot drama die eerste les. Kinderen renden door elkaar heen, niemand bleef in zijn eigen vak, materiaal vloog alle kanten op of werd voor hele andere dingen gebruikt. Die wilde naar het toilet en de ander op schoot. Alles tegelijk. Ik kwam ogen en oren tekort. Dus ik wist meteen dat het anders moest.’

Inmiddels geeft Beenhakker alleen nog maar les aan kleuters en werkt ze daarbij nauw samen met de groepsleerkrachten van de onderbouw van de school. We spraken met Beenhakker en haar collega Maura da Graca (groepsleerkracht onderbouw) over de kracht van samenwerken. In dit interview gingen zij in op de samenwerking tussen een groepsleerkracht en een vakleerkracht. Beenhakker en Da Graca werken op basisschool De Provenier in Rotterdam-Noord. De Provenier is een Lekker Fit!-school. De kinderen (en vanwege de doorgaande lijn dus ook de kleuters) krijgen drie keer per week gymles van 45 minuten per les. De lessen worden tweemaal door de gymleerkracht gegeven en een keer door de groepsleerkracht. De gymles wordt gegeven in de speelzaal die centraal in de school gevestigd is. Iedereen in de school kan de kinderen zien gymmen.

Bewegen met kleuters
‘Gymles geven met kleuters is best eng. Dat krijg je namelijk minimaal op de ALO-opleiding. In het begin denk je nog: dat doe ik wel even. Maar je kunt niet aan kleuters lesgeven en denken dat je gym gaat geven zoals in de midden- of bovenbouw gebeurt. Kleuters zijn continu aan het bewegen en ontwikkelen zich ook continu. Dat moet je (in)zien als leerkracht en daar moet je ook op inspelen’, aldus Beenhakker. Volgens haar gaat het bij gym met kleuters ook niet alleen om die motoriek. ‘Je helpt ze in hun totale ontwikkeling als mens. Dat moet je doorhebben, anders mis je zoveel. Als je doelen loslaat en je begint naar de kinderen te kijken door die ogenschijnlijke chaos heen, dan zie je wat er echt gebeurt en waar ze mee bezig zijn. Ook als ze een kwartier op de kast liggen, kan dit bijdragen aan hun totale ontwikkeling. Daar moet je voor openstaan.’ Om de gymles optimaal te benutten en de kleuters op verschillende manieren uit te dagen, werkt Beenhakker op een vaste manier, namelijk met vier tuinen (zie het kader ‘Vier tuinen’ voor meer informatie). Deze manier van werken is ontstaan vanuit de chaos van de eerste les. Beenhakker hing huisjes op om structuur aan te brengen en bij huisjes horen tuinen. De tuinen zijn afgebakend en de afspraak is: je komt niet bij de buren. Is de bal over de grens? Dan vraag je hem terug aan de buurman. Zo blijft iedere kleuter in zijn eigen vak. Elke tuin daagt de kinderen op een andere manier uit en iedere tuin heeft een andere functie in het geheel. Het gekozen arrangement, de materiaalkeuze en de beperkte regels en afspraken bepalen de uitkomst van het gedrag dat de kleuters laten zien. Hoeveel ruimte de kleuters krijgen voor eigen speelkriebels (de eigen betekenis die ze geven aan het materiaal in deze context) (Beenhakker et al., 2016) bepaalt de leerkracht. ‘Het is interessant om te zien wat de kleuters met materialen gaan doen en hoe ze bepaalde uitdagingen overwinnen. Op een matje kun je liggen, stoeien, springen of doe je de koprol. En zo kunnen kleuters nog meer creatieve speelkriebels verzinnen. Handig in deze situatie? Dat is aan de leerkracht’, vervolgt Beenhakker. ‘De lessen starten en eindigen altijd centraal in het midden, in het tuintje van de leerkracht. De rest van de tijd werken kinderen in kleine groepjes in de verschillende tuinen. In elke les zijn de kinderen gemiddeld zeven tot tien minuten in een tuintje aan het bewegen. Doordat weinig klassikaal wordt gewerkt, hoeven de kinderen ook niet op elkaar te wachten en wordt de tijd effectief benut om te bewegen.’

Wil je verder lezen maar heb je nog geen abonnement? Klik dan hier.
Heb je een abonnement en wil je digitaal verder lezen? Klik dan hier.